Alle hout is geen brandhout

Alle hout is geen timmerhout zegt een timmerman en zoiets geldt ook voor hout waarmee de openhaard of houtkachel wordt gestookt. Wie goed en veilig wil stoken moet eisen stellen aan het materiaal waarmee gestookt wordt.

  • Hout moet schoon en gekloofd zijn.
  • Gekloofd hout brandt beter dan rond hout.
  • Stook nooit behandeld hout (geverfd, gebeitst, geteerd, geïmpregneerd, spaanplaat of multiplex).
  • In loofhout zit geen hars; het is daarom beter geschikt dan naaldhout.
  • Hout moet droog zijn. Droog hout wordt herkend aan scheureen en loszittende schors.
  • Grootte van op te brengen stukken hout ca. 15 cm (omvang van een pols).
  • lengte ca 2/3 van de lengte of diepte van de vuurhaard, in de regel 25 tot 30 cm.

houtklieven

Houtsoort Droogtijd
Den, Populier 1 jaar
Linde, Wilg, Spar, Berk Es, Els 1,5 jaar
Fruitbomen, Beuk 2 jaar
Eik 2,5 jaar

 

Bewaren
Kloof het hout; bewaar het buiten onder een afdak waar de wind er goed bij kan en het beschut is tegen regen. Niet overdekken met plastic. Stapel het losjes in etages, zodat u van onderaf kunt afnemen. Stapel het hout niet vanaf de grond, omdat dit te vochtig is. Beschimmeld hout niet stoken, maar eerst laten drogen. Bewaar hout niet binnen; het is te vochtig en u haalt insecten in huis.

Gevolgen
De gevolgen van stoken met nat of niet goed gedroogd hout is hieronder duidelijk zichtbaar.

050